De revolutionaire kracht van Twitter
08-04-2011 mag 3 / popular /

article/

De revolutionaire kracht van Twitter

Abstract: 

Michelle Oosthuyzen onderzoekt in haar artikel 'De revolutionaire kracht van Twitter' de claim van cyberoptimisten dat de revolutie in het Midden-Oosten een direct gevolg is van het gebruik van sociale media. Oosthuyzen exploreert zowel het populaire, optimistische als het pessimistische discours en pleit voor een genuanceerdere analyse van de relatie tussen sociale media, hun revolutionaire potentieel en de samenleving.

De recente ontwikkelingen in het Midden-Oosten hebben geleid tot een debat over de impact van technologie op de samenleving in het algemeen, en het revolutionaire potentieel van sociale media in het bijzonder. Het discours lijkt grotendeels in twee kampen te zijn verdeeld, waarbij oude rivalen opnieuw het gevecht met elkaar aangaan. Vanuit de cyberoptimistische hoek komen positieve  geluiden van o.a. Clay Shirky en  Andrew Sullivan over de rol van nieuwe media in relatie tot de gebeurtenissen in het Midden-Oosten. Dit utopisch getinte gedachtegoed is ook herkenbaar in representaties van nieuwe media in het populair discours (Schäfer, 2011, p. 25). Aan de andere kant zien we cybersceptici, gerepresenteerd door o.a. Malcolm Gladwell en Evgeny Morozov, die zich geroepen voelen om hun kritische standplaats in te nemen en het optimisme rondom de rol van social media een halt toe te roepen. Deze binaire splitsing leidt tot een eendimensionale kijk op de werkelijkheid.

“The Revolution Will Be Twittered”, met deze uitspraak luidde Andrew Sullivan in 2009 het debat omtrent de ‘Twitter-revolutie’ in het Midden-Oosten in. Vervolgens blijft de focus binnen dit debat op de vraag of we inderdaad kunnen spreken van een Twitter-revolutie; ja of nee. Ten eerste doet deze benadering af aan de complexiteit van de situatie. Ten tweede zijn we getuige van de misleidende werking van het gebruik van een term zoals Twitter-revolutie. De neiging van het populaire discours om onbekende fenomenen aan de hand van bekende termen te verklaren (Schäfer, 2011, p. 25), heeft ertoe geleid dat een term zoals Twitter-revolutie zijn eigen leven is gaan leiden en voor iedereen een eigen betekenis krijgt. Dit resulteert in misvattingen en leidt bovendien de aandacht af van andere belangrijkere ontwikkelingen die zich hier aantonen. 

Volgens cybersceptici betekent het erkennen van een Twitter-revolutie, het erkennen van Twitter als dé oorzaak van de golf aan revoluties in het Midden-Oosten. Het creëren van een causaal verband tussen technologie en sociale verandering, zou zwaar tekort doen aan de diep gewortelde economische, sociale en culturele kwesties en niet te vergeten de rol van de burgers in hun opstand tegen autoritaire staten. Dit maakt Gladwell (2010) duidelijk door te stellen: “Social media can’t provide what social change has always required.” Cyberoptimisten worden beschuldigd van een eendimensionale, cyberutopische visie op de werkelijkheid.

Opmerkelijk is echter dat op academisch niveau, cyberoptimisten dit causale verband over het algemeen niet claimen. Zo stelt Clay Shirky (2010), zogenaamd één van de grootste cyber optimisten aller tijden, over de Presidentsverkiezingen van Iran in 2009 het volgende: “Political insurrection is never solely driven by technology. (…) the source of those protests in Tehran, as with all protests, was the willingness of the people to defy their government. This does not mean, however, that those protests were like all previous ones (…).” 

Ook Jay Rosen, sterk voorstander van burgerjournalistiek en bekend om zijn uitspraak: “The people formerly known as the audience”, benadrukt de valse beschuldigingen en de scheve verhouding in dit debat: “Almost everyone knows it’s not as simple as saying Twitter or Facebook ’cause’ revolutions. Almost everyone knows it’s foolish to discount social media and peer-to-peer communication as new and potentially disruptive forces. Grown-ups trying to puzzle through what is actually happening will have to leave the sandbox in which the debunkers and their straw man playmates throw headlines at each other (2011).”

We kunnen dus concluderen dat zowel de cyberoptimisten als cybersceptici van mening zijn dat het vaststellen van één enkele oorzaak voor een revolutie, te kort door de bocht is. Dit betekent echter niet dat sociale media geen significante rol hebben gespeeld in recente revolutionaire ontwikkelingen in het Midden-Oosten (Shirky, 2010; Sullivan, 2009; Lynch, 2011). Aan de andere kant lijken cybersceptici de katalyserende en organiserende rol van sociale media als communicatie middel te onderschatten en devalueren. De grootste en luidste cyberscepticus, Evgeny Morozov, schrijver van ““The Net Delusion: The Dark Side of Internet Freedom”, stelt in een e-mail interview met washingtonpost.com het volgende:  “Whether it has helped to organize protests -- something that most of the media are claiming at the moment -- is not at all certain, for as a public platform Twitter is not particularly helpful for planning a revolution (authorities could be reading those messages as well!) (2009, 17 juni)."

Cybersceptici zoals Gladwell en Morozov, wijzen op het gebrek aan bewijs en het feit dat revoluties ook plaats hebben gevonden zonder het bestaan van sociale media: “Please. People protested and brought down governments before Facebook was invented. They did it before the Internet came along. (…) in the French Revolution the crowd in the streets spoke to one another with that strange, today largely unknown instrument known as the human voice” (Gladwell, 2011).

We moeten ons inderdaad niet laten verleiden tot allesomvattende conclusies waarbij het bewijs voor gemaakte claims achterblijft en het fenomeen wordt gehyped met behulp van het populair discours. Daarnaast is het wel belangrijk rekening te houden met de bredere historische context van het debat en alle mogelijke factoren die een rol spelen, waardoor een zwart-wit benadering van het debat wordt vermeden. Politieke revoluties zijn complex en benodigen een complexe sociaal-politieke analyse, waar Freelon (2011) een goede aanzet toe geeft. Hopelijk zal dit leiden tot diepere inzichten met betrekking tot de rol van nieuwe media in onze samenleving, zoals de evolutie van het Arabisch medialandschap (Lynch, 2011).

Bibliografie

Freelon, D. (2011, 29 januari). We need a revolution in revolution-framing. Geraadpleegd op: http://dfreelon.org/2011/01/29/we-need-revolution-in-rev-framing/

Gladwell, M. (2010, 4 oktober). Small Change: Why the revolution will not be tweeted. The New Yorker. Geraadpleegd op:

http://www.newyorker.com/reporting/2010/10/04/101004fa_fact_gladwell#ixzz1GnIQH1hO

Gladwell, M. (2011, 2 februari). Does Egypt need Twitter? The New Yorker. Geraadpleegd op: http://www.newyorker.com/online/blogs/newsdesk/2011/02/does-egypt-need-twitter.html#ixzz1GggriiAd

Lynch, M. (2011, 15 januari). Tunisia and the New Arab Media Space. Foreign Policy. Geraadpleegd op:

http://lynch.foreignpolicy.com/posts/2011/01/15/tunisia_and_the_new_arab_media_space

Morozov, E. (2011, 15 januari). Picking a fight with Clay Shirky. Foreign Policy. Geraadpleegd op: http://neteffect.foreignpolicy.com/posts/2011/01/15/picking_a_fight_with_clay_shirky

Rosen, J. (2011, 13 februari). The “Twitter Can’t Topple Dictators” Article. Geraadpleegd op: http://pressthink.org/2011/02/the-twitter-cant-topple-dictators-article/

Schäfer, M.T. (2011). Bastard Culture! How User Participation Transforms Cultural Production. Amsterdam: Amsterdam University Press.

Shirky, C. (2010, 6 januari). The Twitter Revolution: more than just a slogan. Prospect magazine. Geraadpleegd op: http://www.prospectmagazine.co.uk/2010/01/the-twitter-revolution-more-th...

Sullivan, A. (2009, 13 juni). The revolution will be twittered. The Atlantici. Geraadpleegd op: http://andrewsullivan.theatlantic.com/the_daily_dish/2009/06/the-revolut...

De revolutionaire kracht van Twitter

Comments

gewoon bellen

Wordt er tegenwoordig ook ooit nog eens nagedacht over de rol van de (mobiele) telefoon in dit soort situaties? Ik las zojuist dat de libische rebellen het mobiele telefoonnetwerk hebben gehackt: http://online.wsj.com/article/SB1000142405274870384190457625651299121528...

Dat, en wat te denken van

Dat, en wat te denken van instant messaging-services zoals ICQ/MSN/Skype. Worden überhaupt vaak over het hoofd gezien.

Clay Shirky

Clay Shirky, als prominent cyberoptimist, is inderdaad van mening dat bijvoorbeeld de protesten in Iran (2009) meer werden vormgegeven door het gebruik van mobiele telefoons.

"While the use of social media in the Iranian protests quickly garnered the label “Twitter Revolution,” the real revolution was the use of mobile phones, which allowed the original protesters to broadcast their actions to other citizens and to the wider world with remarkable speed and immediacy." (2010)